Blog

Hoe mijn naam op reis ging?

“U geeft zeker Frans?”

“Waarom dan?”

“Nou Guljé is toch een Franse naam?

Bovendien ziet u er ook wel zo uit.”

Jaarlijks voerde ik meerdere keren deze dialoog als docent Nederlands; 

met nieuwe collega’s, mij onbekende leerlingen of ouders. Altijd verbazing

als ik vertelde dat het de naam van mijn man is en ik van mijzelf oer-Hollands Roos heet.

 

In die periode had ik als klassenmentor een gesprek met een Turkse oom van een leerling. 

Als ingeburgerde familievertegenwoordiger was hij naar school gekomen,

waar we in een spreekkamertje in alle rust konden praten. 

Nog maar net binnen legde de oom een hand op mijn schouder:

“Jij lijk op mijn frouw."

Wat krijgen we nu?, was mijn eerste gedachte.

“Mijn frouw Guljoez jij Guljé”, straalde de oom.

 

Mijn naam bleef in Turkse sferen. Zo wisten verschillende Turkse leerlingen me te vertellen

dat Gül in hun taal Roos betekent en dat dit wel grappig is in mijn combinatie Guljé-Roos.

 

Inmiddels jaren later bereikt mijn naam een breder internationaal spectrum.

Zo word ik in een wachtkamer steevast opgeroepen als: Guljoez, Goeljoe, Küle, Koelje of Koelie.

Als er om mij heen niemand opstaat, realiseer ik me dat ik aan de beurt ben. Het voelt wel wat ontheemd.

 

Misschien moet ik zelf mijn naam een andere richting op sturen. Terug naar mijn roots als Roos? 

Of de accent aigu op de e vergeten en gewoon Guljee schrijven waar dat nodig lijkt.

Het is immers maar een uitspraaktekentje, dat blijkbaar zijn functie als verlengde e totaal gaat missen.

Goede reis é-teken!  Laat dat nu Güle Güle in het Turks zijn.

 

 

Bestanden